Flitsen met beleid – II

Waarom zou je eigenlijk flitsen..?

Goeie vraag. Met camera’s die soms bij ISO 3200 en hoger nog zeer bruikbare resultaten geven, hoef je puur voor een goede belichting lang niet meer zo gauw te flitsen als vroeger. Of je onderwerp op die manier ook een goede verlichting krijgt, is een andere zaak. Vaak helpt het om een beetje ‘in te flitsen’ – en dat geldt niet alleen binnen, maar ook buiten.

Het geheim van inflitsen zit ‘m in de juiste balans tussen flitslicht en ‘omgevingslicht’. Binnen betekent dat vaak: toch een vrij hoge ISO-waarde en misschien ook een wat langere sluitertijd. Anders krijg je van die typische ‘flitsfoto’s’ met een compleet uitgebleekt onderwerp tegen een donkere achtergrond. Maar ook buiten kan inflitsen wonderen doen – met name bij tegenlicht. Vergelijk de foto linksboven (wel geflitst) maar met die rechtsonder (niet). Het gezicht en de ogen zijn veel sprankelender, en de kleuren levendiger.

Waarom is een losse flitser daarvoor beter dan een ingebouwde? Hij geeft meer licht, waardoor je bereik groter wordt, en de mogelijkheden om zelf de instellingen te bepalen zijn groter. Denk bijvoorbeeld aan een flitsbelichtingscorrectie, waarmee je de flitser verhoudingsgewijs wat dimmen kunt. Maar ook aan een langere of juist een hele korte sluitertijd – dat laatste is een must bij helder weer. Voor zo’n hi-speed synchronisatie heb je vrijwel altijd een losse flitser nodig. En dan kun je de flitser voor plastischer licht ook nog los van de camera gebruiken, of het licht verzachten met diverse accessoires. Maar daarover een volgende keer.

Lees ook:Tip van de Week: flitsen op maat
Lees ook:Tips voor beter fotograferen | 13/25 Flitsen: ook buiten
Lees ook:Tip van de week: flitslicht met een kleurtje
Lees ook:Flitsen met beleid – I
Lees ook:Nooit meer flitsen?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.