Categorie: "Tip van de week"

Photoshop versus Lightroom II

Alleskunner en specialist met vervagende grenzen

Adobe Camera Raw: eerst een stiefkindje, nu bijna gelijkwaardig aan Lightroom qua mogelijkheden - inclusief geavanceerde opties als het Gegradueerd filter.

Photoshop’s Camera Raw: eerst een stiefkindje, nu bijna gelijkwaardig aan Lightroom qua mogelijkheden – inclusief geavanceerde opties als het Gegradueerd filter.

Begin 2007 kreeg Adobe Photoshop, dat toen al ruim vijftien jaar op de markt was, gezelschap van Lightroom, dat al snel officieel Photoshop Lightroom ging heten. Ondanks die gemeenschappelijke naam zijn het twee heel verschillende programma’s. Oorspronkelijk was Lightroom vooral bedoeld als uitgebreide raw-converter, in een periode dat het raw-formaat steeds populairder werd terwijl simpele beeldbewerkingsprogramma’s op dat punt weinig mogelijkheden boden. Je moet ook bedenken dat Photoshop toen alleen te koop was, voor een prijs van (afhankelijk van het precieze pakket) pakweg 1000 euro. Met een introductieprijs van zo’n 300 euro bracht Lightroom non-destructieve raw-conversie op maat binnen het bereik van een veel grotere groep enthousiaste fotografen die het uiterste uit hun opnames wilden peuren.

Tip van de week: Photoshop versus Lightroom

I: Back to the basics?

Met name onder gevorderde fotografen is Adobe Lightroom erg populair – populairder misschien zelfs dan Photoshop. Daar zijn diverse redenen voor. Allereerst is Lightroom nog steeds ‘los’ te koop (hoelang nog is een andere vraag), terwijl Photoshop uitsluitend te huur is via een Creative Cloud-abonnement. Verder bewijst Lightroom goede diensten als zogenaamd ‘workflowprogramma’ om grote hoeveelheden raw-bestanden mee te beheren en te ontwikkelen. Je kunt zelfs al onderweg of op vakantie al wat ‘voorwerk’ doen met behulp van mobiele apps, synchronisatie en de cloud.

Zelf ben ik niet zo’n Lightroom-fan. Ik heb het programma wel (als onderdeel van mijn Creative Cloud-abonnement) maar gebruik het zelden, misschien deels omdat ik zelden grote hoeveelheden raw-bestanden te verwerken heb.

Tip van de week: de middenformaathype

Is een grotere sensor met meer pixels altijd beter?

Nu zo’n beetje iedere zichzelf (al dan niet terecht) serieus nemende fotograaf van APS-C naar full-frame is overgestapt, lonkt er een nieuwe horizon: het digitale middenformaat. Het middenformaat was in het digitale tijdperk langzaamaan geslonken tot een nichemarkt voor professionals, maar camera’s als de Hasselblad X1D en de Fujifilm GFX 50S hebben het weer bereikbaar én sexy gemaakt. Met name de Fujifilm krijgt laaiend enthousiaste recensies. Nu lijdt het geen twijfel dat de GFX een kei van een camera is. En met een prijs van zeven mille ‘kaal’ is-ie niet eens zo onbeschoft veel duurder dan de top van de full-framedivisie.

Tip van de week: zon, zon en nog eens zon

Zondag doet niet altijd z’n naam eer aan, maar volgens de meteorologen moeten we vandaag extra oppassen voor verbranding. Je camera kan niet tegen zonnebrand, maar is wel degelijk vatbaar voor oververhitting. Zeker een zwarte body die op een metalen terrastafeltje in de volle zon ligt te bakken, wordt gloeiend heet. Dat is niet best, met name voor de elektronica. Bewaar hem dus bij niet-gebruik liever in de tas, en in elk geval uit de zon.

Ook voor de sensor kan al dat zonlicht te veel worden.

Tip van de week: waar laat ik m’n foto’s?

In tien jaar tijd is de grootte van de modale foto verveelvoudigd. Naast de megapixelrace eist ook de trend naar grotere sensorformaten z’n tol. Serieuze fotografen kiezen vaker voor het raw-formaat in plaats van voor jpeg, wat eveneens grotere bestanden oplevert. Als je gebruikmaakt van de huidige burstrates tot wel 20 beelden per seconde of als je in 4K filmt, gaat het helemaal hard.

BldrpBr

Wat wringt, is dat harde schijven het afgelopen decennium nauwelijks groter zijn geworden. 1 TB voor een desktop of hooguit de helft voor een laptop is nog steeds heel normaal. Dat betekent dat je harde schijf binnen de kortste keren uit z’n voegen barst, als je niet oppast.

Tip van de week: waar laat je de horizon?

Bij veel camera's en beeldbewerkingsprogramma's kun je hulplijnen bij de compositie oproepen. Hier ligt de horizon/waterlijn volgens de regel van de derden te hoog. Maar volgens de gulden snede is het weer precies goed. Heel verwarrend allemaal...

Bij veel camera’s en beeldbewerkingsprogramma’s kun je hulplijnen bij de compositie oproepen. Hier ligt de horizon/waterlijn volgens de regel van de derden te hoog. Maar volgens de gulden snede is het weer precies goed. Heel verwarrend allemaal…

Tot de officiële doodzondes in de fotografie schijnt ook een horizon die midden door het beeld loopt te horen. Zelf snap ik daar het fijne niet zo van, maar ik ben dan ook niet zo’n regeltjesfan. Dat mensen moeite hebben met een scheve horizon, kan ik begrijpen, zeker op landschapsfoto’s. Gelukkig hebben veel camera’s een elektronisch waterpasje aan boord om zo’n scheve horizon te vermijden. En als het toch verkeerd is gegaan, kun je de horizon makkelijk achteraf letterlijk rechtzetten met je beeldbewerkingsprogramma.

Veel camera’s, met name de betere compact- en systeemcamera’s, schieten je ook te hulp bij de compositie met een lijntjespatroon in de zoeker of op het scherm. Een gangbare indeling is in negen even grote vlakken, met drie horizontale en drie verticale lijnen. Heel leuk allemaal, maar ik vind het zoekerbeeld zonder zo’n schaakbordpatroon al druk genoeg.

Tip van de week: ‘bijsnijden’ bestaat niet

Bijsnijd_1

Vijftig jaar geleden was de hoofdzonde van de gemiddelde amateurfotograaf dat hij of zij niet dicht genoeg bij z’n onderwerp kwam, als je fotobladen en boeken over fotografie uit die periode mag geloven. ‘Zoekplaatjes’, heette zoiets dan. Niet zo heel vreemd, want teleobjectieven waren voor veel amateurs onbereikbaar.

Wat dat betreft, heeft de technische vooruitgang het ons makkelijk gemaakt.

Tip van de week: nieuw of occasion?

Nu nieuwe cameramodellen over de hele linie genomen steeds duurder worden, is de verleiding groot om maar een wat ouder model aan te schaffen, al dan niet tweedehands. Omdat dit goedkoper is, of omdat je voor hetzelfde geld in plaats van een nieuw instapmodel een prosumercamera in huis haalt.

Altijd het nieuwste van het nieuwste willen hebben kan een dure grap zijn, dus in principe valt hier wel wat voor te zeggen. Veel (online)winkels doen bij het verschijnen van een nieuw model z’n voorganger in de aanbieding.

Tip van de week: foto’s oppeppen

ImageEnhancer

Er zijn van die dagen dat je foto’s nét te weinig fut hebben. Vaak buitenfoto’s op een heiige dag of bij zware bewolking,  of onder een waterig zonnetje vroeg of laat op dag. Zeker als je onderwerp niet zo fleurig van zichzelf is, levert dat nogal eens contrastarme foto’s in pasteltinten op.

Tip van de week: smartphonemisverstanden III

Fotostudio in zakformaat, nep is net zo goed als echt en andere reclameslogans

HuaweiBokehEtcAls je smartphonefabrikant Huawei (en die is zeker de enige niet met dit soort claims) mag geloven, zit het er bij de camera van hun nieuwe topmodel P10 Plus allemaal op. ‘Dynamic illumination’ waarmee je kennelijk studioverlichting kan nabootsen, en een ‘Natural bokeh effect’ voor (zelf)portretjes met weinig scherptediepte, zodat jij of je model niet aan de achtergrond zit vastgeplakt.

Zoals we al in de vorige aflevering hadden opgemerkt, geeft vrijwel elke smartphonecamera van nature een heel grote scherptediepte door z’n extreem korte brandpuntsafstand. Het bokeh-effect is dus kunstmatig, en wordt vaak bereikt met behulp van een tweede lens en allemaal slim rekenwerk. Heel knap allemaal, maar ‘echt’ is en blijft gewoon mooier.