Tip van de week: pixels tellen

Nu de Nikon D800 met z’n 36 megapixels is geland, gaat het pixelvirus bij menigeen weer jeuken. De hamvraag: heb ik wel genoeg..? Als je in Photoshop een bestand van een oude 6-megapixelcamera opent, zul je zien dat bij de aanbevolen printresolutie van 300 pixels per inch het tellertje van het maximale printformaat pesterig op plusminus 25 bij 17 centimeter blijft hangen. Als je die foto dan tóch op A4-formaat wilt printen, volgt er soms nog een waarschuwing. Volgens diezelfde rekenmethode heb je minstens 8 à 10 megapixels nodig voor een behoorlijke ‘20/30’, en komt bij groter dan ‘30/40’ de D800 of een middenformaatcamera in zicht…

Tien jaar geleden waren 2 of 3 megapixels de norm, en toen printten ze óók A4’tjes. Maar veel belangrijker is dat hoe groter je print, hoe lager de ‘pixeldichtheid’ kan zijn. Dat heeft een simpele reden: de afstand waarvan je zo’n vergroting bekijkt, is veel groter dan bij een albumprintje. Daardoor kun je met een minder fijne detailweergave, en dus met minder pixels per maateenheid, volstaan. Zeg maar 200 pixels per inch voor een A4, en 150 voor een A3.

Nu we toch bezig zijn: investeer niet te veel tijd in het omrekenen. Dat kunnen je beeldbewerkingsprogramma en printerdriver samen prima voor je oplossen. Erger nog: als je het fotobestand handmatig een pietsie verkleint of vergroot (‘interpolatie’) om exact aan de 200/300 pixels per inch te komen, is dat niet bevorderlijk voor de beeldkwaliteit. Je hoeft alleen maar aan te geven hoe groot de print moet worden en of er eventueel een stukje beeld mag vervallen (voor hardnekkige bijsnijders zijn wat extra pixels trouwens wel een pre), en je computer regelt de rest.


Lees ook:Foto’s printen – 3
Lees ook:Hoe kies ik een nieuwe camera? – 2
Lees ook:Canon G1 X: compact met grote sensor
Lees ook:Tip van de week: nieuwe camera, oude computer
Lees ook:Nikon D5100 nu officieel

Heb jij Fotografie.Blog nog steeds niet toegevoegd aan je Google homepage of Reader? Klik hier!


Geef een reactie