Categorie: "Camera’s en lenzen"

D5200 nieuwe aanvoerder APS-C-klassement

De Nikon D5200 heeft de Pentax K-5 (II) onttroond als APS-C-camera met de beste beeldkwaliteit. Blijkens de bevindingen van sensortester DxOMark komt de D5200 al met al nét wat beter uit de bus. Zelfs qua ruisniveau, ondanks de 24 in plaats van 16 megapixels. Dat bewijst maar weer eens dat er nog steeds vooruitgang op het sensorfront wordt geboekt.

Overigens is de sensor in de D5200 niet afkomstig van ‘huisleverancier’ Sony maar van Toshiba, wat waarschijnlijk verklaart waarom de D5200 hoger scoort dan de D3200. De nieuwste generatie APS-C-camera’s houdt zich ook heel aardig staande tegenover het full-framegeweld, al hebben full-framecamera’s natuurlijk wel een streepje voor bij extreem hoge ISO-waarden. Helemaal aan de top dreigen de scores van de Nikon D600 en D800(E) van de schaal af te lopen – benieuwd hoe dat verder moet wanneer er nog betere camera’s uitkomen…

Spiegelreflex of systeemcamera? III

What you see is what you get?

Tot een paar jaar terug waren lcd-schermen en elektronische zoekers nauwelijks geschikt als alternatief voor de optische spiegelreflexzoeker: de resolutie was te laag om het onderwerp goed te kunnen zien, en door de lage verversingssnelheid kreeg je bij de minste beweging vegen in beeld. In het donker fotograferen was helemaal een drama, omdat het beeld dan stijf stond van de ruis.

Om de systeemcamera een volwaardige concurrent van de DSLR te laten zijn, moest op dat vlak snel vooruitgang worden geboekt, en dat gebeurde. Omvang en resolutie van een modaal scherm stegen in minder dan tien jaar tijd van 1,5 à 2 inch diameter en 100.000 pixels naar 3 inch en om en nabij een miljoen pixels. Bij elektronische zoekers is een nóg hogere resolutie ondertussen heel normaal. De zichtbaarheid in fel licht werd verbeterd door oled- en amoled-techniek, terwijl aanraakschermen ervoor zorgen dat je kunt scherpstellen en een foto kunt maken door het onderwerp aan te tikken.

Pannenkoek en motorzoom van Sony

Sony heeft zojuist een tweetal nieuwe objectieven met E-vatting voor de NEX-systeemcamera’s en -camcorders aangekondigd. De 20 mm F 2,8 is een zogenaamde pancakelens (dus heel plat uitgevoerd), met een gewicht van nog geen 70 gram en een brandpuntsafstand die omgerekend naar full-frame 30 mm bedraagt. Het objectief komt volgende maand op de markt. Ook komt er een 18-200 mm met lichtsterkte F 3,5 in de groothoek- tot F 6,3 in de telestand. Dit objectief beschikt niet alleen over optische beeldstabilisatie (OSS), maar ook over motorzoom (PZ) met maar liefst zes verschillende zoomsnelheden. Voor filmers een uitkomst, al zullen die tot april geduld moeten hebben.

Kodak (aka JK Imaging) stapt in Micro Four Thirds

Olympus liet vandaag weten dat vijf bedrijven zich hebben aangesloten bij de Micro Four Thirds-standaard (MFT) voor systeemcamera’s. Daaronder ook JK Imaging, dat eerder in het nieuws kwam door de overname van de digitale-cameradivisie van Kodak. JK Imaging heeft inmiddels al een prototype van de Kodak Pixpro S1 MFT-systeemcamera laten zien. De Micro Four Thirds-standaard is in 2008 gezamenlijk ontwikkeld door Olympus en Panasonic op basis van het eerdere Four Thirds-sensorformaat.

Spiegelreflex of systeemcamera? II

Slome duikelaar groeit uit tot snelheidsmonster

In de digitale oertijd liet niet alleen de beeldkwaliteit van de toenmalige compactcameraatjes te wensen over. Ook de ontspanvertraging was een bron van ergernis. Wanneer je op de ontspanknop drukte, ging de camera eerst uitgebreid scherpstellen en de belichting bepalen. Soms duurde het bijna een seconde voordat de foto daadwerkelijk werd gemaakt.

De eerste systeemcamera’s waren evenmin snelheidsmonsters. Het contrastdetectie-autofocussysteem werkte weliswaar heel nauwkeurig, maar de snelheid van de fasedetectie-autofocus van een spiegelreflex werd bij lange na niet gehaald. Bij bewegende onderwerpen was contrastdetectie sowieso in het nadeel, omdat zo’n systeem niet kan vaststellen in welke richting het onderwerp beweegt: van de camera af of naar de camera toe.

Inmiddels is op dat gebied heel veel verbeterd.

Spiegelreflex of systeemcamera? I

De stand van zaken

Blijkens onze poll – er komt binnenkort een nieuwe! – is de systeemcamera nog niet echt populair bij onze lezers. Op de vraag welke camera ze op vakantie meenemen, luidt het antwoord bij meer dan de helft van de 200 deelnemers: een spiegelreflex. De systeemcamera bungelt ergens onderaan met een score van net boven de tien procent.

Toen de systeemcamera krap een jaar of vijf geleden ten tonele verscheen, had-ie z’n compactheid voor op de DSLR, maar daar bleef het wel zo’n beetje bij. Inmiddels is die achterstand grotendeels ingelopen. Elektronische zoekers én schermen zijn veel beter geworden, terwijl ook de autofocus dankzij een combinatie van contrast- en fasedetectie een stuk sneller werd. Daardoor hoef je bewegende onderwerpen niet langer links te laten liggen. Anderzijds is ook de spiegelreflex meer naar de systeemcamera toe gegroeid, met als meest opmerkelijke uitkomst de Sony SLT-serie.

We zullen de komende tijd aandacht besteden aan wat bij de huidige stand van zaken de plus- en minpunten van beide cameratypes zijn. Daarbij zal blijken dat sommige vooroordelen inmiddels zijn achterhaald, terwijl andere keuzecriteria vaak uit het zicht worden verloren.

Olympus OM-D ‘beste camera van 2012′

Hoewel 2013 pas anderhalve dag oud is, heeft DPReview er geen gras over laten groeien. De resultaten van een lezerspoll over wat naar hun mening de beste nieuwe camera van 2012 was, zijn nu al bekend. Op de derde plaats eindigde de Canon EOS 5D Mark III, met bijna 14,5% van de stemmen. Tweede op de ranglijst is de Nikon D800/D800E (de versie zonder anti-aliasing-filter voor de sensor), met een score van ruim 22%. De Olympus OM-D kwam met ruim één procent voorsprong (ruim 23% van de stemmen) als nipte winnaar van de poll uit de bus: een systeemcamera met een kleine (Micro Four Thirds) sensor die twee (semi)professionele full-frame spiegelreflexen overtroef!

Alvast wat nieuws van begin 2013

In Pentax-kringen wordt weer volop gespeculeerd over een full-frame spiegelreflex naar aanleiding van een interview met de grote baas van de divisie productontwikkeling. Het is al langer bekend dat Pentax vanaf begin volgend jaar de Sony 24-megapixelchip mag gebruiken die ook in camera’s als de Nikon D600 en de Sony A99 zit. De A99 is trouwens onlangs getest door DxOMark en scoort daarbij significant lager dan z’n Nikon-stiefbroertje, ondanks dezelfde chip. Met name de hoge ISO-waarden laten te wensen over. Verder kondigt Fujifilm volgens Fuji Rumors begin januari vermoedelijk zowel een opvolger voor de X100 als voor de X10 aan.

Massieve prijsverlagingen… in de VS

Camera-importeurs in Amerika hebben een remedie ontdekt tegen crisisgevoelige camerakopers die de kat uit de boom kijken en geen afstand van hun pegels willen doen. Het wondermiddel heet flinke prijsverlagingen. Zo is de prijzige Fujifilm X-Pro1, die overigens in de VS toch al relatief goedkoper was dan hier, opeens 300 dollar goedkoper geworden. Koop je er een lens bij, dan spaar je nog een paar honderd dollar extra uit.

Pentax had al eerder stevige prijsverlagingen doorgevoerd, onder andere bij de sukkelende systeemcameramodellen K-01 en Q/Q10. Ook de lenzenprijzen, die het afgelopen jaar flink omhoog waren gegaan, kelderden in één klap naar een realistischer niveau – soms met wel de helft… Deze agressieve prijspolitiek legde het merk ook buiten Amerika geen windeieren: in de Japanse ranglijst van bestverkochte camera’s met verwisselbare lenzen steeg de Q vrijwel vanuit het niets naar de bovenste plaats.

In Nederland blijft het vooralsnog vrij rustig aan het prijzenfront, ook doordat een aantal nieuwe modellen nog niet of slechts mondjesmaat leverbaar is. Maar wat niet is…

Recordbedrag voor niet eens zo antieke Leica

Een vrijwel unieke Leica M3D uit 1955 die speciaal voor Life-fotograaf David Douglas Duncan was gemaakt, ging dit weekend voor bijna 1,7 miljoen euro onder de hamer bij het Oostenrijkse veilinghuis WestLicht Auction. Voor zover bekend, is dat een nieuw record. De geschatte opbrengst bedroeg voor aanvang ‘maar’ tweeënhalf tot drie ton – hoezo kredietcrisis voor de happy few dus?

Ook andere klassieke en/of zeldzame Leica’s verwisselden van eigenaar voor bedragen die een veelvoud bedroegen van de richtprijs. Zo kostte de allereerste Leica I A in Luxus-uitvoering, voor een kleine anderhalve ton getaxeerd, de gelukkige koper uiteindelijk ruim een miljoen.