Scherptediepte: helemaal niet moeilijk

Diafragma f/1.4, dus weinig scherptediepte.

Het begrip scherptediepte is voor veel vrijetijdsfotografen een moeilijk begrip. Maar: dat is nergens voor nodig! Want met een ezelsbruggetje is het heel eenvoudig te onthouden.

De opening van een lens is het diafragma en de grootte van de opening wordt uitgedrukt in een getal: f/2.0 (grote opening) of f/22 (kleine opening).

Een grote opening geeft weinig scherptediepte (portret, bloem, vlinder: een hoofdonderwerp met een onscherpe, niet afleidende achtergrond), een kleine opening juist veel (landschap: alles scherp, van ‘de eigen schoenveter tot aan de horizon’).

En dan nu het ezelsbruggetje. Wil je véél scherptediepte, dan kies je een hoog diafragmagetal: vanaf f/11 bijvoorbeeld. Dus: veel (scherptediepte) en hoog (diafragmagetal) horen bij elkaar. Maar let op: met een kleine opening loopt de sluitertijd natuurlijk op. Daarom gaat de echte fotograaf altijd met een statief op pad.

Weinig scherpte? Kies dan een laag getal: weinig en laag. Dat is toch simpel te onthouden?

Diafragma f/5.6: dat geeft al aanzienlijk méér scherptediepte (met een f/1.4 lens!)

Lees ook:Scherptediepte: zo moeilijk is dat niet
Lees ook:Tip van de week: scherptediepte
Lees ook:Scherptediepe: belangrijk instrument
Lees ook:Vermijd de uiterste f/ standen
Lees ook:Tip van de week: scherptediepte en systeemcamera’s

Eén reactie op “Scherptediepte: helemaal niet moeilijk

  1. Robert

    Ik heb nog een eenvoudiger ezelsbruggetje voor het diafragma-getal: Hoe lager, hoe vager.

      /   Beantwoorden  / 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.